Megadap M2RF gebruikershandleiding

Ga voor uitgebreidere instructies naar de officiële website https://www.megadap.net/ om de instructievideo's te bekijken en de handleiding te downloaden.

I. De Megadap M2RF Custom Tool gebruiken

1. De software downloaden en uitpakken

Ga naar https://www.megadap.net/, download "Megadap M2RF custom tool.zip" en pak het bestand uit op de computer.

2. De software installeren

  1. Windows: verschijnt er een beveiligingsmelding zoals "de uitgever kan niet worden geverifieerd", klik dan op "Installeren" en wacht tot de installatie klaar is.
  2. macOS: tijdens de installatie kan een waarschuwing verschijnen dat de app niet is genotariseerd. Open om te installeren het Apple-menu → "Systeeminstellingen" → "Privacy en beveiliging" → klik onder "Beveiliging" op "Toch openen", bevestig nogmaals als daarom wordt gevraagd, voer uw inlogwachtwoord in en klik op "OK".

3. De adapter op de computer aansluiten

Sluit de M2RF-adapter met de originele USB-kabel aan op de computer (Windows of macOS). Na het aansluiten verschijnt op de computer een schijf met de naam "M2RF DFU".

4. De schrijfmodus openen

Start het programma "Megadap M2RF custom tool" en druk één keer op de AF/MF-knop van de adapter. De adapter gaat naar de schrijfmodus.

5. De objectiefgroepen instellen

  1. De software kan vier sets objectiefgegevens wegschrijven: A, B, C en D.
  2. Per set kunt u vier diafragmawaarden instellen. Het is aan te raden de diafragmaring van het objectief te volgen en de waarden op volgorde in te voeren, te beginnen bij het grootste diafragma.
  3. U kunt de objectiefnaam zelf invoeren, bijvoorbeeld "LEICA SUMMICRON-M 35mm F2 ASPH".
  4. Kies een standaardobjectief (A, B, C of D) dat bij het opstarten wordt gebruikt.

Elke objectiefgroep heeft een eigen diafragmacode: A (F2.2), B (F2.5), C (F2.8) en D (F3.2). Die waarde is het commando om van objectief te wisselen en niet het werkelijke diafragma van het objectief.

6. De instellingen opslaan en afsluiten

Klik op "Opslaan op adapter", daarna op "Afsluiten" en op "OK" om het instellen van de objectieven af te ronden.

II. De firmware van de Megadap M2RF bijwerken

1. De firmware downloaden

Download het zipbestand met de firmware van https://www.megadap.net/. Na het uitpakken krijgt u een firmwarebestand met de extensie .BIN, bijvoorbeeld "Megadap M2RF Ver1.0.5.BIN".

2. De adapter op de computer aansluiten

Sluit de M2RF-adapter met de originele USB-kabel aan op de computer. Er verschijnt dan een schijf met de naam "LM-RF DFU".

3. Het firmwarebestand naar de schijf kopiëren

Sleep of kopieer het .BIN-bestand naar de schijf "LM-RF DFU". Het systeem voltooit de installatie automatisch binnen ongeveer vijf seconden.

4. Aandachtspunten bij het bijwerken

  1. Windows: als de installatie klaar is, wordt de schijf automatisch opnieuw gekoppeld. Dat betekent dat het bijwerken is gelukt. U kunt de schijf daarna handmatig uitwerpen.
  2. macOS: Finder kan een foutmelding tonen zoals "De bewerking kan niet worden voltooid". U kunt die melding negeren, de firmware is wel goed weggeschreven. Werp de schijf handmatig uit.
  3. Het bijwerken controleren: kijk in het README-bestand op de schijf welke firmwareversie er staat, of controleer de versie in het cameramenu onder "Objectieffirmware".

III. De Megadap M2RF gebruiken

1. Het objectief monteren

Monteer een objectief met M-vatting op de M2RF, of een objectief dat met een adapter van een ander merk naar M-vatting is omgezet.

Het is aan te raden de scherpstelring voor gebruik op oneindig te zetten.

2. De diafragmawaarde op de camera instellen

Gebruik de diafragmaring van het objectief en stel op de camera dezelfde diafragmawaarde in. Elke objectiefgroep ondersteunt vier diafragmastappen.

Het diafragma dat op het objectief is ingesteld, moet overeenkomen met de waarde op de camera. Anders kunnen de snelheid en de nauwkeurigheid van de autofocus achteruitgaan.

3. Objectiefgegevens wisselen

Volg deze stappen om de wisselmodus te openen:

  1. Houd de AF/MF-knop drie seconden ingedrukt om de wisselmodus te openen.
  2. F2.2 = objectief A, F2.5 = objectief B, F2.8 = objectief C, F3.2 = objectief D.
  3. Kies op de camera de bijbehorende diafragmawaarde en druk op de ontspanknop.
  4. Start de camera opnieuw op om het wisselen van de objectiefgegevens te voltooien.

4. Wisselen tussen AF en MF

  1. Druk één keer op de AF/MF-knop om te wisselen tussen autofocus en handmatig scherpstellen.
  2. Na het overschakelen naar MF trekt de adapter zich terug naar de oneindigstand.
  3. Druk in de MF-modus twee keer kort achter elkaar op de AF/MF-knop om de adapter volledig uit te schuiven en de stand voor de kortste scherpstelafstand te gebruiken.